E2.1 – Samenvatting

Nationaal inkomen en reëel inkomen

  • Het nominale inkomen is het inkomen gemeten in euro’s.
  • Het reële inkomen is de koopkracht van het inkomen. Het is het nominale inkomen gecorrigeerd voor prijsveranderingen.

Indexcijfers
Een indexcijfer is net zoals een percentage een verhoudingsgetal. Het is een verhoudingsgetal ten opzichte van het basisjaar (100). Let op: Je kunt procentuele veranderingen alleen aflezen ten opzichte van het basisjaar.

Koopkrachtberekeningen
Koopkracht geeft aan hoeveel goederen en diensten een huishouden kan kopen met het besteedbaar inkomen. Inflatie heeft een negatief effect op de koopkracht, je kan namelijk minder kopen als je inkomen niet meestijgt.

Totale inflatie berekenen
De totale inflatie is de verandering van het algemene prijspeil van goederen en diensten over een bepaalde periode. Het wordt meestal uitgedrukt als een percentage en weerspiegelt de hoeveelheid geld dat nodig is om dezelfde hoeveelheid goederen en diensten te kopen die voorheen met minder geld verkrijgbaar was.

Consumentenprijsindex (CPI)
Het CPI geeft de gemiddelde prijsstijging aan van een pakket goederen en diensten dat door een bepaalde groep mensen gekocht wordt. Deze prijsstijging wordt uitgedrukt ten opzichte van het basisjaar.


Hoe bereken je de CPI?
Stap 1: Wegingen koppelen aan uitgavengroepen
Stap 2: Indexcijfers van de uitgavengroep vaststellen
Stap 3: Wegingen vermenigvuldigen met indexcijfers en optellen
Stap 4: Optelling van stap 3 delen door de som van de wegingen